Contact | Routebeschrijving | Nieuwsbrieven

Rate this item
(1 Stem)

“Zelfstandig functioneren is uiteindelijk de meest gewenste doelstelling”

Binnen het altijd rustige juridische veld van de curatele, het meerderjarigenbewind en het mentorschap staan een aantal wetswijzigingen op stapel die op dit moment voor advies bij de Raad van State liggen. Verwachting is, en voor een deel heeft dat in de juridische literatuur ook al plaatsgevonden, dat het publieke debat over deze onderwerpen zich om die reden zal intensiveren. De groep van kwetsbaren die te maken zullen krijgen met de veranderingen verdient het dat de aanpassingen, de beoogde doelstellingen en de ambities van de nieuwe wetgeving ook inderdaad breder besproken worden.
Bij wie moet je daarover vragen? Het ligt voor de hand dit bij een gezaghebbend jurist te doen met kennis van zaken die breder is dan de zuivere letter van de wet. De ook onder collega-juristen als zodanig erkende rechtsgeleerde persoon is, zonder twijfel, mr. Kees Blankman, universitair docent Familie- en Gezondheidsrecht aan de Vrije Universiteit te Amsterdam met een imponerende lijst publicaties binnen dit onderdeel van het recht die daarnaast rechter-plaatsvervanger is bij de Rechtbank Zutphen:

Rate this item
(0 stemmen)

In november 2010 rapporteerde het Bureau Krediet Registratie (BKR) nog dat het percentage Nederlanders met een betalingsprobleem sinds juli 2009 ondanks de verslechterde economische omstandigheden gelijk was gebleven.  Het BKR rekende uit dat van de 11,8 miljoen mensen met een krediet, op dat moment 6,6 procent (ruim 600.000 mensen) moeite had met het voldoen aan betalingsafspraken. In januari 2005 bedroeg het percentage consumenten met betalingsproblemen nog 5,4 procent. Het BKR stelde zich destijds op het standpunt dat consumenten zich meer bewust was geworden van de mogelijke risico's bij het afsluiten van kredieten. Deze bewustwording zou de kans op afbetaling van de afgenomen producten en diensten vergroten. Bovendien zou de stabilisatie tot stand zijn gekomen doordat consumenten de hand nog op de knip hielden.

Rate this item
(0 stemmen)

Met deze uitdrukking verwierf Olivier B. Bommel faam. De ietwat naïeve ‘heer van stand,’ die zich telkens van alles liet aanpraten en werd ‘gered’ door de enigszins betweterige kat, Tom Poes. 
Marten Toonder verklaarde ooit over Bommel als beer: 'De beer is een soort tussenvorm tussen geest en materie. Hij is een beetje onhandig, omdat de overbrugging tussen die twee zo ontzettend moeilijk is. Net zoals de mens probeert de beer het Hoge te bereiken, maar dat wordt bemoeilijkt door zijn eigen plompheid.
Overigens, de B staat nergens voor en zou slechts een statusverhogende werking hebben.