Contact | Routebeschrijving | Nieuwsbrieven

donderdag 24 februari 2011 10:46

De bewindvoerder WSNP in het minnelijk traject: schuldbemiddeling zonder gemeentelijke tussenkomst

Geschreven door  I.P. van Rossen
Rate this item
(0 stemmen)

De capaciteit in het minnelijk traject breidt zich uit

Al langere tijd kampt de praktijk van de schuldsanering met een apart probleem: Wachtlijsten in het minnelijk traject en lage aantallen schuldsaneringen in het wettelijk traject (de WSNP). Dit lijkt een tegenstrijdigheid: enerzijds mensen die staan te trappelen om geholpen te worden en anderzijds ruim voldoende bewindvoerderscapaciteit WSNP (Kamerstnr. 32 123 VI nr. 125). De overschietende bewindvoerderscapaciteit vertoonde zich als gevolg van de, sinds januari 2008 ingezette, enorme daling van meer dan 35% in het aantal uitgesproken WSNP-regelingen. Hoewel deze daling zich enigszins hersteld heeft zit er (kennelijk nog steeds) ergens in de schuldsaneringsdelta een verstopping. Maar...., er is een oplossing!


De reden van deze verstopping blijkt vooralsnog moeilijk te achterhalen. Voldoende onderbouwde cijfers voor descriptieve statistiek van de gehele keten ontbreken of beschrijven maar een deel van het traject. Andere momenten zijn de cijfers verdacht voor het toeleiden naar een bestuurlijk doel dat niet per se de doelstelling van de schuldsanering zelf dienen en zich daarom ook niet lenen voor generieke conclusies.

De aankondiging
In zijn brief van 1 september kondigde de minister van Justitie aan een verzoek te zullen doen aan de Raad voor Rechtsbijstand om de moeizame toegang tot de rechter te onderzoeken. Tegelijkertijd kondigde de minster aan de Raad voor Rechtsbijstand te verzoeken te onderzoeken of de bestaande WSNP-keten de benodigde 285-verklaringen voor de WSNP toelasting zou kunnen afgeven. In dezelfde brief gaf de minister aan geen wettelijke bezwaren te zien in het ter hand nemen van schuldbemiddelingactiviteiten in het kader van voorlopige voorzieningen (art. 287 lid 4 Fw), moratoria (287b Fw) en, meest belangrijk, de gedwongen medewerkingen (zogeheten dwangakkoorden, art. 287a Fw)! Middels een pilot-project wilde de minister hiermee ervaringen gaan opdoen. Toen vervolgens de Hoge Raad in zijn arrest van 5 november 2010 (LJN BN8056) ook nog overwoog dat: ...Een redelijke wetstoepassing brengt mee dat aanvaard wordt dat de verklaring als bedoeld in art. 285 lid 1, onder f, ook kan worden afgegeven door de personen, bedoeld in art. 48 lid 1, onder c, Wck, onder wie advocaten..., is vanaf dat moment de weg geplaveid voor de parallelweg van de schuldbemiddeling via de WSNP-bewindvoerder. 

De start
Met grote voortvarendheid heeft de Raad voor Rechtsbijstand (meer in het bijzonder het bureau WSNP) invulling gegeveven aan het verzoek van de minister en per 1 januari 2011 is met een beperkt aantal van 40 bewindvoerders (zie lijst van het bureau WSNP) de pilot van start gegaan. Op 11 januari 2011 ontving deze groep bewindvoerders een training over de juridische en administratieve randvoorwaarden voor uitvoering  en is de pilot van start gegaan. Door middel van het systeem van toevoegingen zoals dat bekend is binnen de advocatuur aangevuld met een vaste eigen bijdrage van de schuldenaar van €100,00 is het vanaf die datum mogelijk om voor mensen met schulden een minnelijk traject aan te bieden lopend van een eventueel noodzakelijk moratorium of voorlopige voorziening op het tijdstip van aanmelding tot aan een verzoek tot gedwongen medewerking van een crediteur aan de rechtbank of een verzoek toelating tot de WSNP. Een uitgebreidere beschrijving van de pilot en de uitvoeringsvoorwaarden is verschaft door het bureau WSNP.

Toekomst
In toekomstige nieuwsbrieven zullen wij u op de hoogte houden over het verloop van de pilot. Wellicht dat de nu aangelegde “ventweg” naast het minnelijk traject zich zal ontwikkelen tot een volledig operationele snelweg.  De verwachtingen zijn hooggespannen.

Voor nadere informatie kunt u een verzoek indienen via dit formulier

Last modified on donderdag 24 november 2011 10:53

Leave a comment