Contact | Routebeschrijving | Nieuwsbrieven

dinsdag 15 maart 2016 07:54

Noblesse oblige: Senaat akkoord met Wijziging van de Gerechtsdeurwaarderswet

Geschreven door  G. Lankhorst
Rate this item
(0 stemmen)

De Eerste Kamer heeft op 16 februari 2016 ingestemd met een wetsvoorstel van minister Van der Steur (Veiligheid en Justitie) dat de Gerechtsdeurwaarderswet in veel opzichten wijzigt. Deze wijzigingswet is gepubliceerd in Staatsblad 2016, 93 en zal naar alle waarschijnlijkheid deels per 1 juli 2016, deels per 1 januari 2017 in werking treden. Een standpunt van het Kabinet over de toekomst van de gerechtsdeurwaarderij in Nederland (en de beroepsorganisatie KBvG) lag ten grondslag aan deze wetgevingsoperatie (TK 2009-2010, 32 123 VI, nr. 64). Deze kabinetsbrief aan de Tweede Kamer bevatte een uitgebreide reactie op het adviesrapport van de Commissie Van der Winkel “Noblesse oblige” (TK 2008-2009, 31 700 VI, nr. 13). De kernpunten van deze wijzigingswet volgen hierna in vogelvlucht.

 

Onafhankelijkheid. Een nieuw artikel 12a van de Gerechtsdeurwaarderswet verankert de eigenstandige positie van de gerechtsdeurwaarder. De gerechtsdeurwaarder oefent zijn ambt in onafhankelijkheid uit, aldus lid 1, dus weliswaar als civiele rechtshandhaver richting de debiteur, maar niet zomaar als “loopjongen” van zijn opdrachtgever: de gerechtsdeurwaarder is de “verlengde arm” van de rechter en oefent staatsmacht uit als bijzonder ambtenaar. Die onafhankelijkheid behoort ook te bestaan in financieel en organisatorisch opzicht: De gerechtsdeurwaarder mag zijn ambt niet uitoefenen in enig verband waardoor zijn onafhankelijkheid wordt of kan worden beïnvloed.

Register. Daarnaast komt er een openbaar register voor gerechtsdeurwaarders, zodat een ieder kan nagaan of de ambtshandelingen bevoegd zijn verricht. Dat register heeft een grondslag gekregen in een nieuw artikel 1a van de Gerechtsdeurwaarderswet. Het bevat ook de nevenbetrekkingen van en eventuele waarnemingen door gerechtsdeurwaarders, en tuchtrechtelijke schorsingen of maatregelen. Zo krijgt het publiek inzicht in de verschillende belangen die een gerechtsdeurwaarder kan hebben. Dit speelt een rol bij de eis van onafhankelijkheid, die eveneens in de wet komt te staan. Benadrukt zij dat dit een ander register is dan het Centraal beslagregister dat per 1 januari 2016 in werking is getreden en door de KBvG wordt beheerd.

Toezicht BFT. Verder worden de werkzaamheden van het Bureau Financieel Toezicht in de artikelen 30 e.v. van de Gerechtsdeurwaarderswet uitgebreid tot een meer algemeen toezicht. Dit betekent niet alleen een controle op de financiёle handel en wandel van gerechtsdeurwaarders, maar ook dat de integriteit van de beroepsgroep onder de loep wordt genomen. Bij een ernstig vermoeden van klachtwaardig handelen kunnen, naast de minister van Veiligheid en Justitie, in de toekomst ook het bestuur van de KBvG en het Bureau Financieel Toezicht de tuchtrechter (de zgn. Kamer voor gerechtsdeurwaarders bij de Rechtbank Amsterdam, en in hoger beroep het Gerechtshof aldaar) vragen de betrokken gerechtsdeurwaarder direct te schorsen.

Toegang tot de beroepsgroep. De toegang tot het ambt wordt ook eenduidiger geregeld. Tot gerechtsdeurwaarder is volgens een nieuw artikel 5 Gerechtsdeurwaarderswet slechts benoembaar degene die:a. de Nederlandse nationaliteit bezit of de nationaliteit van een andere lidstaat van de Europese Unie, de EER of van de Zwitserse Bondsstaat;b. met goed gevolg een door Onze Minister erkende opleiding ter voorbereiding op het beroep van gerechtsdeurwaarder heeft doorlopen, dan wel in het bezit is van een ten aanzien van het beroep van gerechtsdeurwaarder afgegeven erkenning van beroepskwalificaties; c. de verplichte beroepsstage heeft doorlopen;d. de Nederlandse taal in voldoende mate beheerst voor een goede uitoefening van het ambt van gerechtsdeurwaarder;e. in de hoedanigheid van toegevoegd gerechtsdeurwaarder of kandidaat-gerechtsdeurwaarder gedurende het jaar voorafgaande aan zijn verzoek tot benoeming gemiddeld ten minste 21 uur per week werkzaam is geweest;f. in het bezit is van een ondernemingsplan dat voldoet aan de wettelijke voorwaarden; eng. in het bezit is van een verklaring omtrent het gedrag die niet ouder is dan drie maanden.


Kwaliteit. Nieuw is ook de aandacht van de wetgever voor het kwaliteitsbeleid door de publiekrechtelijke beroepsorganisatie. Daarom is artikel 57 van de Gerechtsdeurwaarderswet gewijzigd.Bij verordening van de KBvG zullen regels worden gesteld over de inrichting van een algemene klachten- en geschillenregeling voor gerechtsdeurwaarders, waaronder ook de instelling van een geschillencommissie. In een nieuw artikel 57a is een grondslag voor het kwaliteitsbeleid ten aanzien van de beroepsgroep neergelegd. De KBvG wordt verantwoordelijk voor het uitvoeren van kwaliteitstoetsen bij haar leden. Deze kwaliteitstoetsen worden verricht door deskundigen die zijn aangewezen door het bestuur van de KBvG. Bij verordening van de KBvG worden nadere regels gesteld betreffende het verrichten van de kwaliteitstoetsen. De Ledenraad van de KBvG fungeert als het parlement van de beroepsgroep en staat voor de interne democratie van de publiekrechtelijke beroepsorganisatie die de KBvG is. Formeel is het deze ledenraad die de bindende verordeningen vaststelt voor alle leden. De wetswijziging verandert ook de inrichting en samenstelling van deze ledenraad.

Last modified on dinsdag 15 maart 2016 08:22

Leave a comment