Contact | Routebeschrijving | Nieuwsbrieven

donderdag 30 juli 2015 19:06

Vereenvoudiging beslagvrije voet in gang gezet

Geschreven door  G. Lankhorst
Rate this item
(0 stemmen)

In een steeds complexer wordende samenleving wordt steeds vaker een roep om versimpeling gehoord. Begrijpelijk, want de Romeinen wisten het al: “simplex sigillum veri” – eenvoud is het kenmerk van het ware. De roep om versimpeling klinkt ook bij de beslagvrije voet, en die vereenvoudiging gaat er dan nu ook komen. Dat heeft het kabinet bij brief van 26 juni 2015 aan de Tweede Kamer laten weten. Dit lijkt zo aan het begin van de zomer zonnig nieuws. De aanleiding was een lijvig preadvies van de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders (KBvG) precies een jaar geleden. Dat het kabinet wel oren had naar een vereenvoudiging van de berekening van de beslagvrije voet was al duidelijk geworden in de (eerste) brief van 12 december 2014 over de agenda voortgang maatregelen schuldenbeleid, en de contouren werden zichtbaar in de (tweede) brief van 24 maart 2015. Nu wordt echter de nadere uitwerking geschetst (Brief van 26 juni 2015, TK 2014-2015, 24515, nr. 308). Het streven is om de benodigde wetgeving voor de vereenvoudiging van de beslagvrije voet in 2016 aan de Tweede Kamer aan te bieden.

 

 

Geen staffel maar vaste bedragen
In een aanbeveling stelde de KBvG voor om het huidige ingewikkelde systeem van aanknoping bij de veelheid van toepasselijke bijstandsnormen te vervangen door een progressief staffelsysteem. Het kabinet had in zijn brief van 24 maart 2015 al uiteengezet dat een staffelsysteem zoals dat bijvoorbeeld in België en Frankrijk geldt, zou leiden tot een weinig transparant systeem met moeilijk uit te leggen inkomenseffecten. Daarom is nu gekozen voor een systeem dat uitgaat van één vast bedrag per leefsituatie. Een systeem waarbij de hoogte van de beslagvrije voet door de schuldeiser/beslaglegger via een beperkt aantal, eenvoudig vast te stellen gegevens uit een authentieke bron zoals de basisregistratie personen kan worden bepaald en waarbij een duidelijke prikkel voor de schuldenaren aanwezig is om financiële verplichtingen na te komen. Nu wordt de hoogte van de beslagvrije voet vastgesteld op basis van veel variabelen als woonlasten, kosten zorgverzekering en ontvangen toeslagen. Het nieuwe systeem werkt met standaardgegevens, denk daarbij aan een vast bedrag voor woonlasten en zorgverzekering.

Minder maatwerk
Met specifieke individuele omstandigheden van schuldenaren wordt, afgezien van de leefsituatie, ten opzichte van het huidige systeem minder rekening gehouden. Het maatwerk van het huidige systeem blijkt vaak een papieren fictie. Door de complexiteit en doordat het de debiteur zelf is die alle gegevens moet aandragen wordt de beslagvrije voet nu regelmatig te laag vastgesteld. De gegevensverstrekking door de schuldenaar is juist in het huidige systeem een belangrijk knelpunt, nu de ervaring leert dat schuldenaren maar in beperkte mate (kunnen of willen) reageren op informatieverzoeken van de schuldeiser.

Effecten toeslagensysteem
Ons toeslagensysteem zorgt voor twee neveneffecten, aldus het kabinet in de brief van 26 juni jl. Toeslagen, zoals de huurtoeslag, zorgtoeslag en het kindgebondenbudget, vormen een aanvulling op het inkomen. Het gaat om een inkomensafhankelijke aanvulling, dus de hoogte van de toeslag wordt afgebouwd naar gelang het inkomen stijgt. Wordt bij de vaststelling van de beslagvrije voet uitsluitend gewerkt met een vast beslagvrij bedrag op het inkomen, dan houden schuldenaren die in aanmerking komen voor toeslagen bij beslag op het inkomen uiteindelijk meer geld over dan schuldenaren die geen recht op toeslagen hebben. Hogere inkomens zouden in deze situatie slechter uit zijn.
Daarnaast zorgen toeslagen ervoor dat voor de groep schuldenaren met een inkomen dat lager is dan het vaste bedrag, er geen mogelijkheden zijn om via beslag op loon of uitkering schulden te incasseren, terwijl zij - als de toeslagen in aanmerking zouden worden genomen - eventueel wel over een totaalinkomen boven het vaste bedrag beschikken.
Mensen die recht hebben op toeslagen zouden hierdoor meer overhouden dan mensen die deze niet ontvangen. Net zoals in de huidige situatie, zullen er daarnaast altijd mensen zijn wier inkomen zo laag is dat zij geen mogelijkheden tot beslag hebben (‘beslaglozen’). Maar het is wenselijk dat ook lagere inkomens hun prikkel tot financieel verantwoord gedrag behouden, hoe gering deze aflossing / prikkel wellicht ook zal zijn.

Grens toeslagenstelsel
De ongewenste neveneffecten doen zich alleen voor bij mensen die recht hebben op toeslagen, maar niet bij de middelbare en hogere inkomensgroepen. Voor inkomens die liggen boven de voor de huur- en zorgtoeslag geldende grensbedragen (ca. €1625,00 netto per maand bij een alleenstaande en ca. €1825,00 bij een alleenstaande ouder of samenwonende), kan met een vast bedrag worden gewerkt. Dat ligt anders voor inkomens onder deze grenswaarden. In de plannen voor het nieuwe systeem wordt nog bekeken of voor deze inkomensgroepen vanaf een bepaald minimuminkomen kan worden gewerkt met een vast percentage van het inkomen dat ter aflossing van de schulden kan worden ingezet.

Consultatie van de praktijk
De Haagse tekentafel is ook even verlaten voor een sondering van “het veld”. Op 19 mei 2015 is het uitgedachte systeem gebaseerd op vaste bedragen gepresenteerd tijdens een rondetafelbijeenkomst waaraan circa 30 partijen vanuit het veld hebben deelgenomen, zoals het CJIB, het UWV, DUO, de Ombudsman, het LBIO, de KBvG, het LOSR en het Zorginstituut Nederland. De wens tot vereenvoudiging werd door alle deelnemende partijen onderschreven en de weg die met het voorgestelde systeem is ingeslagen, werd positief ontvangen. Er zijn ook praktische aandachtspunten voor de verdere uitwerking meegegeven, bijvoorbeeld over de hoogte van het vaste bedrag (redelijke mate van bestaan) en over het hanteren van een hardheidsclausule bij onvoorziene negatieve gevolgen van een nieuw systeem, waarbij door verschillende partijen werd gepleit voor scherpe en heldere criteria om te voorkomen dat een massale toeloop op de rechter zal ontstaan. Een grofmaziger stelsel wordt nu eenmaal ergens gevoeld, soms door schuldeisers en soms door schuldenaren, waarbij de consequentie van een vereenvoudiging nu eenmaal is dat minder gedetailleerd maatwerk mogelijk is.

Geen eindstation.
Deze kabinetsbrief is in feite slechts een tussenstation. Om te komen tot een eenvoudige en evenwichtige regeling die waarborgt dat de schuldenaar voldoende overhoudt om van te leven, is het volgens het preadvies van de KBvG ook noodzakelijk dat naar bijzondere incassobevoegdheden in andere wetten wordt gekeken. Te vaak worden schuldenaren door een veelheid aan beslagen en bijzondere incassomaatregelen zo financieel in het nauw gedreven dat zij in een uitzichtloze financiële situatie terecht komen. Deze conclusie werd reeds getrokken in het adviesrapport Paritas Passé, debiteuren en crediteuren in de knel door ongelijke incassobevoegdheden . Door schuldenaren wat meer ruimte te geven, wordt het belang van de schuldenaar gediend maar ook de belangen van schuldeisers en per saldo het maatschappelijk belang. De schuldeiser heeft daarbij vooral baat bij duidelijkheid, zodat hij al –voor het inzetten van incassomaatregelen– kan bepalen of deze enig succes zullen kunnen hebben. Zo kunnen tamelijk zinloze incasso's worden voorkomen met kosten ten laste van de schuldeiser.

Last modified on donderdag 30 juli 2015 19:56
More in this category: « Jongvolwassenen en schulden

Leave a comment