Contact | Routebeschrijving | Nieuwsbrieven

vrijdag 28 november 2014 20:42

Nieuwe beloningsregels voor curator, bewindvoerder en mentor

Geschreven door  G. Lankhorst
Rate this item
(2 stemmen)

 

Voor de trouwe lezers van de Staatscourant is het geen nieuws meer. Maar voor diegenen die wellicht net die ene editie van dit klassieke blad hebben gemist, of voor diegenen die ook zonder de Staatscourant een aanvaardbaar leven kunnen leiden, vragen wij toch in deze nieuwsbrief aandacht voor nr. 2014-32149 van 10 november 2014 van “de officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814”. Want daarin staat de nieuwe regeling voor de beloning van curatoren, beschermingsbewindvoerders en mentoren op grond van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek. Staatssecretaris Teeven van Veiligheid en Justitie heeft zeer recent deze ministeriële regeling vastgesteld. Daarmee komt een eind aan de rechtspraktijk waarbij de kantonrechters de beloning vaststelden op grond van de aanbevelingen van het Landelijk Overleg Vakinhoud Civiel en Kanton (LOVCK). Dit blijkt uit de toelichting die ook in de Staatscourant is gepubliceerd. De regeling treedt reeds op 1 januari 2015 in werking. De Staatscourant is weliswaar al 200 jaar oud maar gaat natuurlijk met zijn tijd mee en dus is de ministeriële regeling ook digitaal te downloaden. Voor wie daar geen tijd voor heeft volgt hieronder een korte toelichting.

 
De regeling neemt het bezwaar weg dat voorheen de vaststelling van de beloning niet bindend was voor de individuele kantonrechter. Zo was het niet ongebruikelijk dat curatoren, bewindvoerders en mentoren die in verschillende arrondissementen werkzaam zijn, ondanks de richtlijnen van het LOVCK, toch met verschillen in beloning te maken kregen in de verschillende kantons. De bewindsman wil dat voorkomen door introductie van een uniforme regeling, die wel voortbouwt op de richtlijnen van het LOVCK. Uitgangspunt vanaf 1 januari 2015 is een forfaitaire en jaarlijks te indexeren ‘jaarbeloning’ op basis van het aantal gewerkte uren. De jaarbeloning geldt als een gemiddelde. Het voordeel hiervan is dat de administratieve afhandeling relatief eenvoudig is. In bepaalde gevallen kunnen vertegenwoordigers aanspraak maken op een hogere beloning. Voor de beloning wordt een onderscheid gemaakt tussen de “gewone” curatoren, beschermingsbewindvoerders en mentoren, die in de prive- of familiesfeer werkzaam zijn, en de professionele curatoren, beschermingsbewindvoerders en mentoren zoals de wetswijziging die heeft geïntroduceerd in de artikelen 383, 435 en 452, telkens zevende lid, van Boek 1 BW. Dit tweede type vertegenwoordigers heeft ten minste drie personen onder de hoede en moet voldoen aan de kwaliteitseisen die per 1 april 2014 zijn gesteld in een algemene maatregel van bestuur (Staatsblad 2014, 46).
 
De nieuw vastgestelde beloningen vormen een weerslag van de kwaliteitsimpuls die de Wet wijziging curatele, beschermingsbewind en mentorschap(Staatsblad 2013, 414, in werking getreden deels per 1 januari en deels per 1 april 2014) aan de beroepsgroep heeft gegeven, en aan het bevorderen van de zelfredzaamheid van de betrokkenen. De regeling is van tevoren besproken met het LOVCK en met de brancheverenigingen BPBI, NBPB, NBPM en MNN, en is van toepassing op werkzaamheden die op of na 1 januari 2015 worden verricht. Uiteindelijk is de beloning voor rekening van de betrokkene, of ingeval die het aantoonbaar niet kan betalen, voor rekening van de gemeente via de bijzondere bijstand. In de beloningsregeling is rekening gehouden met de nieuwe wettelijke grondslag voor beschermingsbewind vanwege het hebben van problematische schulden, waardoor naast de standaardwerkzaamheden zich extra werkzaamheden aandienen. Er hoeft niet apart een beloningsbeschikking te worden vastgesteld door de kantonrechter of door de gemeente in geval van bijzondere bijstand, want uit de beschikking tot onderbewindstelling zal blijken of sprake is van problematische schulden.
 
Last modified on vrijdag 28 november 2014 21:12

Leave a comment